Ongemak als pedagogische en artistieke brandstof
Leren hoeft niet alleen ‘goed’ te voelen of ‘leuk’ te zijn, stelde de Onderwijsraad dit jaar in het rapport Welzijn en onderwijs. Leren is niet altijd gezellig of gemakkelijk, het vereist dat je nieuwe of andere manieren van denken of doen je eigen maakt. Dit kan twijfel, verwarring en frustratie oproepen. Juist dat zorgt voor persoonlijke groei.
Bovendien, stelt De Onderwijsraad ook, kunnen scholen fungeren als oefenplaatsen voor het echte leven, waarin ongemak een alledaags verschijnsel is. Juist door leerlingen een veilige gemeenschap te bieden waarin ze leren omgaan met onzekerheid, fouten en tegenslagen, draagt onderwijs bij aan het versterken van hun mentale weerbaarheid.
Dit geldt bij uitstek voor kunsteducatie. Vier studenten van de Master Kunsteducatie van de AHK en allen werkzaam in het culturele veld, pleiten om het ongemak in het (kunst)onderwijs niet te zien als vervelend symptoom, maar als pedagogische en artistieke brandstof. Immers, ongemak daagt uit, zet leerlingen op scherp en vormt ze in een wereld die steeds ingewikkelder wordt. Aldus Megan Baarda, Yoëlle de Jong, Tanya van der Kooij en Emiel Heijnen.
Wie het ongemak omarmt, ontdekt wat mogelijk is.
Vanuit deze ongemakkelijke gedachte ontwikkelden Megan, Yoëlle, Tanya en Emiel experimenten bij scholen, musea en andere instellingen waarin deelnemers doelbewust ongemak ervoeren. Daarmee werd kunsteducatie niet alleen benaderd als een harmonische of verbindende praktijk, maar juist ook als een plek waar spanning, twijfel en frictie productief kunnen worden gemaakt.